18e plaats voor Soppe in race in Assen

25-06-2017

Een vergelijkbare race als de wedstrijd op zaterdag. Öncü nam direct afstand van de rest van het veld en reed moederziel alleen aan de leiding, terwijl achter hem een grote groep ontstond die streed om de overige twee plaatsen op het podium. Walid reed in die groep constant bij de voorste vier coureurs, gedurende zes ronden voerde hij de groep aan. Met nog twee ronden te gaan schoof Walid onderuit in de Stekkenwal. Hij kon zijn weg nog wel vervolgen maar helaas net buiten de punten.

Vlak voor de race begon het te regenen en dus werd er in de pits geswitcht naar regenbanden. Eenmaal op de grid aangekomen was de baan echter alweer kurkdroog. De Red Bull crew besloot om niet weer te wisselen en alle rijders startten dus met regenbanden. De raceafstand werd van zestien ingekort naar veertien ronden. Walid maakte geen geweldige start en kwam de eerste ronde door als zesde. Gestaag rukte hij op naar voren en lange tijd nestelde hij zich op een tweede plaats.

 

Met nog twee ronden te gaan begon het weer te regenen. Aangezien de regenbanden al behoorlijk versleten waren in de droge omstandigheden waren de condities ‘tricky’. In de Stekkenwal ging het mis voor Walid. Bij het uitkomen van bocht 8 verloor Walid de grip en gleed hij onderuit. Hij pakte direct zijn motor op en zonder vizier en het kuipwerk vol grind voltooide hij de race. Uiteindelijk kwam hij als achttiende over de finish

 

”Ik ben niet zo teleurgesteld want ik zat er goed bij en heb laten zien dat ik bij de snelsten hoor. Ik denk dat ik met Can [Öncü] mee had gekund als ik verder naar voren stond op de grid. Hij is direct vanaf het begin snel en heeft geen tijd nodig om in zijn ritme te komen. Achter hem ging de groep in gevecht waardoor hij kon wegrijden. Ten opzichte van vorig jaar ben ik minder teleurgesteld. Toen was ik heel teleurgesteld en liet ik mijn motor liggen. Nu heb ik mijn motor opgepakt en ben ik verder gegaan om alsnog te finishen. Mijn vizier was afgegaan bij de val. De laatste ronde moest ik dus zonder rijden en dat was geen pretje. Direct na de finish zette ik mijn motor dan ook tegen de pitmuur aan en deed ik geen uitloopronde meer.”